1. Zodra Adonisedek, de koning van Jeruzalem, hoorde, dat Jozua Ai veroverd en met de ban geslagen had - evenals hij met Jericho en zijn koning gedaan had, zo had hij ook met Ai en zijn koning gedaan - en dat de inwoners van Gibeon met Israƫl vriendschap gesloten hadden en in hun midden waren,