13. Jechiël, Azazjahu, Nachat, Asaël, Jerimot, Jozabad, Eliël, Jismakjahu, Machat en Benaja waren belast met het toezicht onder leiding van Konanjahu en zijn broer Simi, volgens het bevel van koning Hizkia en van Azarja, het hoofd van het huis van God.