Bible Study: FrontPage




 

1 Samuël, Chapter 8

Bible Study - 1 Samuël 8 - Dutch - Willibrord Vertaling 1978 - Web
 
 
 
Comment!       Comment Disqus!
  
1. Toen Samuel oud geworden was, stelde hij zijn zonen als rechters over Israel aan.
  
2. Zijn eerstgeboren zoon heette Joel, de tweede heette Abia; beiden waren rechter te Berseba.
  
3. Maar de zonen bewandelden niet de wegen van hun vader; zij waren op eigen voordeel uit, namen geschenken aan en verkrachtten het recht.
  
4. Daarom kwamen de oudsten van Israel bijeen, begaven zich naar Samuel in Rama
  
5. en zeiden tot hem: ‘U bent oud geworden en uw zonen bewandelden uw wegen niet. Stel daarom een koning aan om rechter over ons te zijn, een koning zoals alle andere volken die hebben.
  
6. Maar Samuel vond het ongepast dat ze voorstelden: ‘Geef ons een koning om rechter over ons te zijn.’ Daarom bad hij tot Jahwe.
  
7. Maar Jahwe zei tot Samuel: ‘Geef gehoor aan het volk, wat zij u ook vragen, want ze verwerpen niet u, maar Mij; Mij willen ze niet langer als koning.
  
8. Wat ze u aandoen hebben ze altijd gedaan: vanaf de dag dat Ik hen uit Egypte geleid heb tot heden toe hebben ze Mij verlaten en andere goden gediend.
  
9. Ga in op hun verzoek, maar waarschuw hen terdege en houd hun voor, welke rechten de koning, die over hen heerst, zal doen gelden.’
  
10. Samuel bracht het volk dat hem om een koning gevraagd had, op de hoogte van wat Jahwe had gezegd.
  
11. Hij zei: ‘De koning die over u heerst zal de volgende rechten doen gelden: Uw zonen zal hij opeisen voor zijn wagens, voor zijn paarden en om zijn wagen te escorteren, om ze aan te stellen als leider van duizend en leider van vijftig,
  
12. om zijn akkers te ploegen, zijn oogst binnen te halen, wapens te maken voor de oorlog en zijn wagens uit te rusten.
  
13. Uw dochters zal hij opeisen om zalf te bereiden, te koken en te bakken.
  
14. Uw beste akkers, wijngaarden en olijftuinen zal hij van u afnemen en ze aan zijn dienaren geven.
  
15. Van uw oogsten en de opbrengst van uw wijngaarden zal hij tienden heffen en die aan zijn hovelingen en dienaren geven.
  
16. Uw slaven en slavinnen, uw sterkste jongemannen en uw ezels zal hij voor zichzelf laten werken.
  
17. Van uw schapen en geiten zal hij tienden heffen en die aan zijn hovelingen en dienaren geven.
  
18. Als het zover is, zult u bij Jahwe uw nood klagen over de koning die u zelf gewild hebt, maar dan zal Jahwe niet antwoorden.
  
19. Maar het volk wilde niet naar Samuel luisteren en zei: ‘Toch moeten wij een koning hebben!
  
20. Dan zijn wij gelijk aan alle andere volken. Onze koning zal rechter over ons zijn en voor ons uittrekken om onze oorlogen te voeren.’
  
21. Samuel hoorde de verlangens van het volk aan en bracht ze over aan Jahwe.
  
22. Jahwe zei tot Samuel: ‘Ga in op hun verzoek en stel een koning over hen aan.’ Toen zei Samuel tot de mannen van Israel: ‘Laat ieder naar zijn eigen stad terugkeren.’


Search in:
Terms:

Vote and Comment on Facebook:Recommend This Page:
Post on Facebook Add to your del.icio.us Digg this story StumbleUpon Twitter Google Plus Post on Tumblr Add to Reddit Pin this story Linkedin Google Bookmark Blogger
Insert Your Personal Insight:

Please do not make mean comments and follow the biblical and spiritual character of this forum. If, however unpleasant situations arise, we request to flag it to us in order to evaluate the situation.

Text source: Willibrordvertaling 1978 Dutch version, public domain.

This project is based on delivering free-of-charge the Word of the Lord in all the world by using electronic means. If you want to contact us, you can do this by writing to the following e-mail: bible-study.xyz@hotmail.com


SELECT VERSION

COMPARE WITH OTHER BIBLES