Bible Study: FrontPage




 

, Chapter 3

Bible Study -  3 - Dutch - Willibrord Vertaling 1978 - Web
 
 
 
Comment!       Comment Disqus!
  
  
  
  
  
  
  
  
  
  
  
  
  
  
  
  
  
  
  
  
  
  
  
  
24. Zij bewogen zich vrij temidden van de vlammen en loofden en prezen God de Heer.
  
25. Azarja opende zijn mond en rechtop staande midden in het vuur verrichtte hij dit gebed:
  
26. 'Geloofd zijt Gij, Heer, God van onze voorvaderen; geprezen en verheerlijkt zij uw naam in eeuwigheid!
  
27. Want Gij zijt rechtvaardig geweest in al wat Gij met ons hebt gedaan, in al uw werken waart Gij eerlijk, al uw wegen waren recht, al uw oordelen juist.
  
28. Al de vonnissen die Gij over ons en over Jeruzalem, de heilige stad van onze voorvaderen, geveld hebt, waren rechtvaardig; naar recht en billijkheid hebt Gij ons behandeld, want wij hebben gezondigd.
  
29. Wij hebben gezondigd en goddeloos gehandeld door van U af te vallen; op allerlei wijzen hebben wij kwaad gedaan.
  
30. Naar uw geboden hebben we niet willen luisteren, we hebben ze niet onderhouden en ze niet ten uitvoer gebracht, zoals Gij ons dat had bevolen, opdat het ons goed zou gaan.
  
31. Al wat Gij over ons gebracht hebt en al wat Gij met ons gedaan hebt, hebt Gij naar recht en billijkheid gedaan.
  
32. Gij hebt ons overgeleverd in de macht van goddeloze vijanden, van de meest verbeten afvalligen en aan de onrechtvaardigste en slechtste koning die er op aarde te vinden is.
  
33. Wij mogen zelfs onze mond niet opendoen; smaad en spot is het deel van uw dienaren en van hen die U vereren.
  
34. Terwille van uw naam: verstoot ons toch niet voorgoed en verbreek niet uw verbond;
  
35. trek uw barmhartigheid niet van ons terug, terwille van Abraham, uw vriend, terwille van Isaak, uw dienaar, en van Israel, uw heilige.
  
36. Aan hen hebt Gij beloofd, hun nakomelingen even talrijk te maken als de sterren aan de hemel en de zandkorrels aan het strand van de zee.
  
37. Maar nu zijn wij, Heer, het kleinste volk geworden van alle volken op aarde en nergens ter wereld hebben wij nog iets te betekenen vanwege onze zonden.
  
38. Wij hebben nu geen koning meer, geen profeet, geen leider, geen brand - en slachtoffers, geen spijsoffers en reukwerk, zelfs geen heilige plaats waar wij aan U kunnen offeren om zo uw barmhartigheid te kunnen ervaren.
  
39. Maar laat ons bij U gehoor vinden vanwege ons vermorzeld hart en onze ootmoedige geest.
  
40. Moge vandaag ons offer bestaan in volmaakte aanhankelijkheid aan U en moge het U evenzeer behagen als kwamen we met brandoffers van rammen en stieren en met tienduizenden vette lammeren, want geen smaad treft hen die op U vertrouwen.
  
41. Thans volgen we U van ganser harte; wij eerbiedigen U en zoeken U.
  
42. Laat ons toch niet te schande worden, maar handel met ons naar uw goedheid en naar uw grote barmhartigheid.
  
43. Red ons op uw wonderbare wijze en verheerlijk, Heer, uw naam.
  
44. Maar laat allen die uw dienaren kwaad berokkenen, te schande worden, mogen ze smadelijk beroofd worden van hun heerschappij en moge hun kracht gebroken worden,
  
45. opdat zij erkennen dat Gij alleen God de Heer zijt en dat uw luister uitstraalt over heel de wereld.'
  
46. De dienaren van de koning bleven de oven waarin zij de mannen hadden geworpen met aardolie, pek, vlasvezels en takkenbossen opstoken,
  
47. zodat de vlammen ongeveer negenenveertig el boven de oven oplaaiden,
  
48. naar alle kanten uitsloegen en de Chaldeeen die zich rond de oven bevonden verbrandden.
  
49. Maar een engel van de Heer was met Azarja en zijn gezellen in de oven neergedaald, joeg de vlammen naar buiten
  
50. en schiep binnen in de oven een klimaat als woei er een dauwwind doorheen. Het vuur deerde de mannen in het geheel niet en ze hadden er niets van te lijden.
  
51. Toen hieven de drie mannen tezamen een loflied aan en verheerlijkten en prezen God vanuit de oven met de woorden:
  
52. Geloofd zijt Gij, Heer, God van onze voorvaderen, geprezen en hooggeroemd in eeuwigheid. Geloofd zij uw glorievolle en heilige naam, hooggeprezen en hooggeroemd in eeuwigheid.
  
53. Geloofd zijt Gij in uw heilige en glorievolle tempel, hooggeprezen en hooggeroemd in eeuwigheid.
  
54. Geloofd zijt Gij die op kerubs troont en de afgronden doorschouwt, geprezen en hooggeroemd in eeuwigheid.
  
55. Geloofd zijt Gij op uw koninklijke troon, hooggeprezen en hooggeroemd in eeuwigheid.
  
56. Geloofd zijt Gij in het firmament van de hemel, geprezen en geroemd in eeuwigheid.
  
57. Loof de Heer, al zijn werken, prijs en roem Hem zeer in eeuwigheid.
  
58. Hemelen, loof de Heer prijs en roem Hem zeer in eeuwigheid.
  
59. Engelen des Heren, loof de Heer, prijs en roem Hem zeer in eeuwigheid.
  
60. Al het water boven de hemel, loof de Heer, prijs en roem Hem zeer in eeuwigheid.
  
61. Heel het hemelse heer, loof de Heer, prijs en roem Hem zeer in eeuwigheid.
  
62. Zon en maan, loof de Heer, prijs en roem Hem zeer in eeuwigheid.
  
63. Sterren aan de hemel, loof de Heer, prijs en roem Hem zeer in eeuwigheid.
  
64. Regen en dauw, loof de Heer, prijs en roem Hem zeer in eeuwigheid.
  
65. Alle winden, loof de Heer, prijs en roem Hem zeer in eeuwigheid.
  
66. Vuur en hitte, loof de Heer, prijs en roem Hem zeer in eeuwigheid.
  
67. Koude en vorst, loof de Heer, prijs en roem Hem zeer in eeuwigheid.
  
68. Dauw en sneeuwjacht, loof de Heer, prijs en roem Hem zeer in eeuwigheid.
  
69. IJS en koude, loof de Heer, prijs en roem Hem zeer in eeuwigheid.
  
70. Rijp en sneeuw, loof de Heer, prijs en roem Hem zeer in eeuwigheid.
  
71. Nachten en dagen, loof de Heer, prijs en roem Hem zeer in eeuwigheid.
  
72. Licht en duisternis, loof de Heer, prijs en roem Hem zeer in eeuwigheid.
  
73. Bliksems en wolken, loof de Heer, prijs en roem Hem zeer in eeuwigheid.
  
74. Aarde, loof de Heer, prijs en roem Hem zeer in eeuwigheid.
  
75. Bergen en heuvelen, loof de Heer, prijs en roem Hem zeer in eeuwigheid.
  
76. Al wat op aarde groeit, loof de Heer, prijs en roem Hem zeer in eeuwigheid.
  
77. Bronnen, loof de Heer, prijs en roem Hem zeer in eeuwigheid.
  
78. Zeeen en stromen, loof de Heer, prijs en roem Hem zeer in eeuwigheid.
  
79. Zeemonsters en al wat in het water leeft, loof de Heer, prijs en roem Hem zeer in eeuwigheid.
  
80. Alle vogels in de lucht, loof de Heer, prijs en roem Hem zeer in eeuwigheid.
  
81. Alle wilde en tamme dieren, loof de Heer, prijs en roem Hem zeer in eeuwigheid.
  
82. Mensen, loof de Heer, prijs en roem Hem zeer in eeuwigheid.
  
83. Israel, loof de Heer, prijs en roem Hem zeer in eeuwigheid.
  
84. Priesters, loof de Heer, prijs en roem Hem zeer in eeuwigheid.
  
85. Tempeldienaren, loof de Heer, prijs en roem Hem zeer in eeuwigheid.
  
86. Rechtvaardigen, loof de Heer, prijs en roem Hem zeer in eeuwigheid.
  
87. Vromen en nederigen van hart, loof de Heer, prijs en roem Hem zeer in eeuwigheid.
  
88. Chananja, Azarja, Misael, loof de Heer, prijs en roem Hem zeer in eeuwigheid, want Hij heeft ons ontrukt aan de onderwereld en ons gered uit de greep van de dood; Hij heeft ons bevrijd uit de laaiende oven en verlost uit het vuur.
  
89. Dank de Heer, want Hij is goed, en zijn barmhartigheid duurt eeuwig.
  
90. Allen die de Heer vreest, loof de God der goden, prijs en dank Hem, want zijn barmhartigheid duurt eeuwig.'


Search in:
Terms:

Vote and Comment on Facebook:Recommend This Page:
Post on Facebook Add to your del.icio.us Digg this story StumbleUpon Twitter Google Plus Post on Tumblr Add to Reddit Pin this story Linkedin Google Bookmark Blogger
Insert Your Personal Insight:

Please do not make mean comments and follow the biblical and spiritual character of this forum. If, however unpleasant situations arise, we request to flag it to us in order to evaluate the situation.

Text source: Willibrordvertaling 1978 Dutch version, public domain.

This project is based on delivering free-of-charge the Word of the Lord in all the world by using electronic means. If you want to contact us, you can do this by writing to the following e-mail: bible-study.xyz@hotmail.com


SELECT VERSION

COMPARE WITH OTHER BIBLES