Bible Study: FrontPage




 

1 Samuël, Chapter 22

Bible Study - 1 Samuël 22 - Dutch - Willibrord Vertaling 1995 - Web
 
 
 
Comment!       Comment Disqus!
  
1. David ging daar weg en vond een veilige schuilplaats in de grot van Adullam. Toen zijn broers en andere familieleden dit hoorden, kwamen zij naar hem toe.
  
2. Ook sloten zich allerlei mensen bij hem aan die in het nauw zaten of schulden hadden of verbitterd waren. David werd hun aanvoerder. Zo kwamen er ongeveer vierhonderd man bij hem.
  
3. Vanuit daar ging David naar Mispe in Moab en hij vroeg de koning van Moab: `Kunnen mijn vader en moeder een schuilplaats bij u krijgen totdat ik weet welk plan God met mij heeft?'
  
4. Zo bracht hij ze onder bij de koning van Moab en zij bleven bij hem zo lang David zich in zijn schuilplaats verschanst hield.
  
5. Maar de profeet Gad zei tegen David: `Blijf niet in die schuilplaats, maar ga naar Juda.' Toen vertrok David naar het bos van Cheret.
  
6. Saul hoorde dat David en zijn mannen ontdekt waren. Saul zat toen onder de tamarisk op de heuvel in Rama met zijn speer in de hand, en al zijn hovelingen stonden bij hem.
  
7. Saul sprak tot hen: `Luister eens, Benjaminieten! Zal de zoon van Isaï jullie soms ook landerijen en wijngaarden geven en gaat hij jullie ook aanstellen tot bevelhebbers over duizend en over honderd,
  
8. dat jullie met zijn allen tegen mij samenzweren? Niemand heeft mij gewaarschuwd dat mijn zoon een verbond sloot met de zoon van Isaï; niemand van jullie heeft aan mij gedacht en mij gewaarschuwd dat mijn zoon mijn knecht opstookte om mij te belagen, zoals nu wel duidelijk is.'
  
9. Toen nam Doëg, de Edomiet die bij de hovelingen van Saul stond, het woord en zei: `Ik heb gezien dat de zoon van Isaï in Nob kwam, bij Achimelek, de zoon van Achitub.
  
10. Die heeft de HEER voor hem geraadpleegd; die heeft hem proviand gegeven en die heeft hem ook het zwaard van Goliat, de Filistijn, gegeven.'
  
11. De koning liet toen de priester Achimelek, de zoon van Achitub, bij zich komen, met al zijn familieleden die priester waren in Nob; gezamenlijk kwamen zij bij de koning.
  
12. Saul zei: `Zoon van Achitub, luister!' Deze antwoordde: `Spreek, heer!'
  
13. Toen zei Saul: `Waarom hebt u met de zoon van Isaï tegen mij samengespannen? U hebt hem brood gegeven en een zwaard, en u hebt God voor hem geraadpleegd. Daardoor kon hij tegen mij in opstand komen, zoals nu wel duidelijk is.'
  
14. Achimelek antwoordde: `Als iemand van uw hovelingen betrouwbaar is, dan is het toch David, de schoonzoon van de koning, het hoofd van uw lijfwacht, die geëerd wordt in uw huis!
  
15. En het was toch niet de eerste keer dat ik God voor hem raadpleegde? Integendeel! Daarom moet de koning zijn dienaar niet beschuldigen, en mijn familie evenmin, want uw dienaar wist daar niet het minste of geringste van.'
  
16. Maar de koning zei: `U zult sterven, Achimelek, u en uw hele familie!'
  
17. En de koning beval de soldaten van de lijfwacht die bij hem stonden: `Vooruit, dood de priesters van de HEER, want zij spannen ook al samen met David; zij wisten dat hij op de vlucht was en ze hebben mij niet gewaarschuwd.' Maar de dienaren van de koning weigerden een hand uit te steken om de priesters van de HEER neer te slaan.
  
18. Daarom zei de koning tegen Doëg, de Edomiet: `Vooruit, dan jij; sla de priesters neer.' En Doëg, de Edomiet ging naar voren en sloeg de priesters neer; hij doodde die dag vijfentachtig mannen, dragers van de linnen efod.
  
19. Ook keerde hij zijn zwaard tegen Nob, de stad van de priesters; mannen en vrouwen, kinderen en zuigelingen, runderen, ezels en schapen doodde hij met het zwaard.
  
20. Eén zoon van Achimelek, de zoon van Achitub, wist echter te ontsnappen en vluchtte naar David. Hij heette Abjatar.
  
21. Toen Abjatar David vertelde dat Saul de priesters van Nob vermoord had,
  
22. zei David tegen hem: `Toen ik merkte dat Doëg, de Edomiet, daar in Nob was, wist ik al dat hij het bij Saul zou melden. Ik ben dus aansprakelijk voor de dood van uw hele familie.
  
23. Blijf bij mij en wees niet bang, want dezelfde persoon die u naar het leven staat, staat ook mij naar het leven. U staat onder mijn bescherming.'


Search in:
Terms:

Vote and Comment on Facebook:Recommend This Page:
Post on Facebook Add to your del.icio.us Digg this story StumbleUpon Twitter Google Plus Post on Tumblr Add to Reddit Pin this story Linkedin Google Bookmark Blogger
Insert Your Personal Insight:

Please do not make mean comments and follow the biblical and spiritual character of this forum. If, however unpleasant situations arise, we request to flag it to us in order to evaluate the situation.

Text source: Willibrordvertaling 1995 Dutch version, public domain.

This project is based on delivering free-of-charge the Word of the Lord in all the world by using electronic means. If you want to contact us, you can do this by writing to the following e-mail: bible-study.xyz@hotmail.com


SELECT VERSION

COMPARE WITH OTHER BIBLES