Bible Study: FrontPage




 

1 Thessalonicenzen, Chapter 2

Bible Study - 1 Thessalonicenzen 2 - Dutch - Willibrord Vertaling 1995 - Web
 
 
 
Comment!       Comment Disqus!
  
1. U weet immers zelf, broeders en zusters, dat ons optreden onder u niet vergeefs is geweest.
  
2. Integendeel, na de mishandelingen en beledigingen die wij, zoals u weet, in Filippi hadden te verduren, hebben wij met de hulp van onze God de moed gevonden om ondanks heftige tegenstand het evangelie van God openlijk bij u te verkondigen.
  
3. Want onze prediking komt niet voort uit dwaling, onzuivere bedoelingen of bedrog.
  
4. Maar omdat God zelf ons geschikt heeft bevonden en ons het evangelie heeft toevertrouwd, daarom verkondigen wij: niet om in de gunst te komen bij mensen, maar bij God, die ons hart toetst.
  
5. Nooit immers hebben wij ons ingelaten met vleierij, dat weet u, en evenmin met hebzuchtige bijbedoelingen; God is onze getuige.
  
6. Wij hebben geen eerbewijzen van mensen gezocht, van u noch van anderen,
  
7. ofschoon wij als apostelen van Christus ons hadden kunnen laten gelden. Maar wij zijn als weerloze kinderen onder u opgetreden, zoals een voedster die haar kinderen koestert.
  
8. We waren u zo innig genegen dat wij u graag niet alleen het evangelie van God, maar ook ons eigen leven hadden geschonken; zo lief was u ons geworden.
  
9. U herinnert zich toch, broeders en zusters, onze moeite en inspanning. Wij hebben u het evangelie van God verkondigd, terwijl we dag en nacht werkten om niemand van u op kosten te jagen.
  
10. Samen met God kunt u getuigen hoe vroom en rechtschapen en onberispelijk wij ons tegenover u, gelovigen, hebben gedragen.
  
11. U weet trouwens dat wij ieder van u hebben vermaand en aangemoedigd, zoals een vader zijn kinderen, en dat wij u bezworen hebben te leven zoals het past tegenover God, die u roept tot zijn koninkrijk en zijn heerlijkheid.
  
  
13. En daarom danken wij God dan ook zonder ophouden, omdat u het woord van God, dat u van ons te horen kreeg, hebt ontvangen en het hebt aanvaard; niet als een woord van mensen, maar als wat het inderdaad is: het woord van God zelf, dat ook werkzaam blijft in u die gelooft.
  
14. Broeders en zusters, u bent navolgers geworden van de christengemeenten van God in Judea, want van uw eigen landgenoten hebt u hetzelfde moeten verduren als zij van de Joden
  
15. die de Heer Jezus en de profeten hebben gedood en ons hebben vervolgd, die God niet behagen en tegen alle mensen ingaan,
  
16. die ons willen beletten tot de heidenen te spreken, opdat die gered worden; en hierdoor zijn zij voortdurend bezig de maat van hun zonden vol te maken. Maar Gods toorn is dan ook in volle mate over hen gekomen.
  
17. Broeders en zusters, wij waren een tijd lang van u verweesd, maar niet van uw liefde. Wij hebben grote moeite gedaan om u weer te zien; zo vurig was ons verlangen.
  
18. Daarom maakten wij plannen om u te bezoeken; ikzelf, Paulus, zelfs tot tweemaal toe, maar de satan heeft het ons belet.
  
19. Wie anders is onze hoop of onze vreugde of de zegekrans waarop we ons kunnen beroemen, wanneer wij staan voor onze Heer Jezus bij zijn komst, wie anders dan u?
  
20. Ja, u bent onze roem en onze vreugde.


Search in:
Terms:

Vote and Comment on Facebook:Recommend This Page:
Post on Facebook Add to your del.icio.us Digg this story StumbleUpon Twitter Google Plus Post on Tumblr Add to Reddit Pin this story Linkedin Google Bookmark Blogger
Insert Your Personal Insight:

Please do not make mean comments and follow the biblical and spiritual character of this forum. If, however unpleasant situations arise, we request to flag it to us in order to evaluate the situation.

Text source: Willibrordvertaling 1995 Dutch version, public domain.

This project is based on delivering free-of-charge the Word of the Lord in all the world by using electronic means. If you want to contact us, you can do this by writing to the following e-mail: bible-study.xyz@hotmail.com


SELECT VERSION

COMPARE WITH OTHER BIBLES