Bible Study: FrontPage




 

Genesis, Chapter 28

Bible Study - Genesis 28 - Dutch - Willibrord Vertaling 1995 - Web
 
 
 
Comment!       Comment Disqus!
  
1. Daarop liet Isaak Jakob bij zich komen, zegende hem en gaf hem deze opdracht: `Je moet niet trouwen met een meisje uit Kanaän.
  
2. Ga op reis naar Paddan-Aram, naar het huis van Betuël, de vader van je moeder, en trouw daar met een van de dochters van Laban, de broer van je moeder.
  
3. Moge de almachtige God je zegenen en je vruchtbaar maken en talrijk, zodat je uitgroeit tot een grote menigte volken.
  
4. Moge Hij jou en je nakomelingen de zegen van Abraham schenken, zodat je het land in bezit kunt nemen waar je nu als vreemdeling leeft, het land dat God aan Abraham gegeven heeft.'
  
5. Zo liet Isaak Jakob gaan, en deze ging op weg naar Paddan-Aram, naar Laban, de zoon van de Arameeër Betuël en de broer van Rebekka, de moeder van Jakob en Esau.
  
6. Esau merkte dat Isaak Jakob met zijn zegen naar Paddan-Aram gestuurd had om er een vrouw te zoeken; hij kwam te weten dat hij hem bij zijn zegen verboden had een Kanaänitische vrouw te huwen,
  
7. en dat Jakob daarom volgens de wens van zijn vader en moeder naar Paddan-Aram was gegaan.
  
8. Zo merkte Esau dat de vrouwen uit Kanaän zijn vader Isaak niet bevielen.
  
9. Daarom ging hij naar Ismaël en nam naast de vrouwen die hij al had, ook nog Machalat, een dochter van Abrahams zoon Ismaël en een zuster van Nebajot, tot vrouw.
  
10. Jakob vertrok uit Berseba en ging naar Haran.
  
11. Nadat de zon al was ondergegaan, wilde hij op een bepaalde plaats overnachten. Een van de stenen die daar lagen nam hij als hoofdkussen en hij viel op die plaats in slaap.
  
12. Hij kreeg een droom en zag een ladder die op de aarde stond en waarvan de top tot in de hemel reikte. Langs die ladder stegen Gods engelen op en daalden zij neer.
  
13. Ineens stond de HEER bij hem en zei: `Ik ben de HEER, de God van uw vader Abraham en de God van Isaak. Het land waar u op ligt, zal Ik aan u en aan uw nakomelingen geven.
  
14. Uw nageslacht zal als het stof van de aarde zijn; u zult zich uitbreiden naar het westen en het oosten, naar het noorden en het zuiden; om u en uw nakomelingen zullen alle geslachten van de aarde zich gezegend beschouwen.
  
15. Ik ben met u; Ik zal u behoeden waar u ook bent, en u terugvoeren naar dit land. Want Ik zal u niet verlaten tot Ik mijn belofte heb vervuld.'
  
16. Jakob werd wakker en riep uit: `Waarlijk, de HEER is op deze plaats en ik wist het niet.'
  
17. Hij werd bang en zei: `Ontzagwekkend is deze plaats! Dit kan niet anders zijn dan het huis van God en de poort van de hemel.'
  
18. De volgende ochtend zette Jakob de steen waar hij met zijn hoofd op had gelegen, als een wijsteen overeind en goot er olie over uit.
  
19. Hij noemde die plaats Betel; vroeger heette die stad Luz.
  
20. Jakob legde de volgende gelofte af: `Als God met mij is en mij beschermt op de reis die ik nu onderneem, als Hij mij voedsel geeft om te eten en kleding om mij te bedekken,
  
21. en als ik ongedeerd naar mijn ouderlijk huis terugkeer, dan zal de HEER mijn God zijn.
  
22. En deze steen, die ik als heilige steen opricht, zal het huis van God zijn; en van alles wat U mij schenkt, zal ik U tienden geven.'


Search in:
Terms:

Vote and Comment on Facebook:Recommend This Page:
Post on Facebook Add to your del.icio.us Digg this story StumbleUpon Twitter Google Plus Post on Tumblr Add to Reddit Pin this story Linkedin Google Bookmark Blogger
Insert Your Personal Insight:

Please do not make mean comments and follow the biblical and spiritual character of this forum. If, however unpleasant situations arise, we request to flag it to us in order to evaluate the situation.

Text source: Willibrordvertaling 1995 Dutch version, public domain.

This project is based on delivering free-of-charge the Word of the Lord in all the world by using electronic means. If you want to contact us, you can do this by writing to the following e-mail: bible-study.xyz@hotmail.com


SELECT VERSION

COMPARE WITH OTHER BIBLES