Bible Study: FrontPage




 

Genesis, Chapter 36

Bible Study - Genesis 36 - Dutch - Willibrord Vertaling 1995 - Web
 
 
 
Comment!       Comment Disqus!
  
1. Dit zijn de nakomelingen van Esau, ook Edom geheten.
  
2. Esau was gehuwd met Kanaänitische vrouwen, met Ada, een dochter van de Hethiet Elon, met Oholibama, een dochter van Ana, de zoon van de Chiwwiet Sibon,
  
3. en met Basemat, een dochter van Ismaël en een zuster van Nebajot.
  
4. Ada schonk Esau Elifaz; Basemat schonk hem Reüel,
  
5. en Oholibama schonk hem Jeüs, Jalam en Korach. Dat zijn de zonen van Esau, die in Kanaän geboren werden.
  
6. Esau verliet zijn broer Jakob, met zijn vrouwen, zonen en dochters en al zijn huisgenoten, met zijn bezittingen, met al zijn vee en alle eigendommen die hij in Kanaän verworven had, en ging naar een ander land.
  
7. Hun bezit was zo groot, dat zij niet bij elkaar konden blijven; het gebied waar ze rondzwierven, kon hen en hun kudden niet onderhouden.
  
8. Esau, ofwel Edom, vestigde zich in het Seïrgebergte.
  
9. Dit zijn de nakomelingen van Esau, de vader van Edom, in het Seïrgebergte.
  
10. De namen van Esaus zonen zijn Elifaz, zoon van Esaus vrouw Ada, en Reüel, de zoon van Esaus vrouw Basemat.
  
11. Elifaz' zonen zijn Teman, Omar, Sefo, Gatam en Kenaz.
  
12. Timna, een bijvrouw van Esaus zoon Elifaz, baarde Amalek. Dat zijn de zonen van Esaus vrouw Ada.
  
13. Reüels zonen zijn Nachat, Zerach, Samma en Mizza. Dat zijn de zonen van Esaus vrouw Basemat.
  
14. Zonen van Esaus vrouw Oholibama, de dochter van Ana, de zoon van Sibon, zijn Jeüs, Jalam en Korach.
  
15. Dit zijn de stamhoofden van de zonen van Esau. De zonen van Elifaz, Esaus eerstgeborene, zijn de stamhoofden Teman, Omar, Sefo, Kenaz,
  
16. Korach, Gatam en Amalek; deze zonen van Ada zijn de stamhoofden van Elifaz in Edom.
  
17. Zonen van Esaus zoon Reüel zijn de stamhoofden Nachat, Zerach, Samma en Mizza; deze zonen van Esaus vrouw Basemat zijn de stamhoofden van Reüel in Edom.
  
18. Zonen van Esaus vrouw Oholibama zijn de stamhoofden Jeüs, Jalam en Korach; dit zijn de stamhoofden van Esaus vrouw Oholibama, dochter van Ana.
  
19. Dat zijn dus de zonen van Esau of Edom, en dat zijn hun stamhoofden.
  
20. Dit zijn de zonen van de Choriet Seïr, de oorspronkelijke bewoners van het land: Lotan, Sobal, Sibon, Ana,
  
21. Dison, Eser en Disan. Dit zijn de stamhoofden van de Chorieten, de zonen van Seïr, in Edom.
  
22. Zonen van Lotan zijn Chori en Hemam; Timna is Lotans zuster.
  
23. Zonen van Sobal zijn Alwan, Manachat, Ebal, Sefo en Onam.
  
24. Zonen van Sibon zijn Ajja en Ana; deze laatste ontdekte de hete bronnen in de woestijn, toen hij de ezels van zijn vader Sibon weidde.
  
25. Zonen van Ana zijn Dison en Oholibama, eigenlijk Ana's dochter.
  
26. Zonen van Dison zijn Chemdan, Esban, Jitran en Keran.
  
27. Zonen van Eser zijn Bilhan, Zaäwan en Akan.
  
28. Zonen van Disan zijn Us en Aran.
  
29. Zij allen zijn stamhoofden van de Chorieten: Lotan, Sobal, Sibon, Ana,
  
30. Dison, Eser en Disan. Dat zijn de stamhoofden van de verschillende Chorietenstammen in Seïr.
  
31. En dit zijn de koningen die in Edom geregeerd hebben voordat de Israëlieten een koning hadden.
  
32. Koning in Edom was Bela, zoon van Beor; zijn stad heette Dinhaba.
  
33. Bela werd na zijn dood opgevolgd door Jobab, zoon van Zerach, uit Bosra.
  
34. Jobab werd na zijn dood opgevolgd door Chusam, uit het gebied van de Temanieten.
  
35. Chusam werd na zijn dood opgevolgd door Hadad, zoon van Bedad, die Midjan in de vlakte van Moab verslagen heeft; zijn stad heette Awit.
  
36. Hadad werd na zijn dood opgevolgd door Samla, uit Masreka.
  
37. Samla werd na zijn dood opgevolgd door Saul, uit Rechobot aan de rivier.
  
38. Saul werd na zijn dood opgevolgd door Baäl-Chanan, zoon van Akbor.
  
39. Baäl-Chanan, zoon van Akbor, werd na zijn dood opgevolgd door Hadad; zijn stad heette Paü; zijn vrouw heette Mehetabel; zij was een dochter van Matred, de dochter van Me-Zahab.
  
40. Dit zijn de namen van Esaus stamhoofden, gerangschikt naar geslacht, woonplaats en naam: Timna, Alwa, Jetet,
  
41. Oholibama, Ela, Pinon,
  
42. Kenaz, Teman, Mibsar,
  
43. Magdiël en Iram. Dat zijn de stamhoofden van Edom met de woonplaatsen die ze in het land bezetten. Tot zover de stam van Esau, de vader van de Edomieten.


Search in:
Terms:

Vote and Comment on Facebook:Recommend This Page:
Post on Facebook Add to your del.icio.us Digg this story StumbleUpon Twitter Google Plus Post on Tumblr Add to Reddit Pin this story Linkedin Google Bookmark Blogger
Insert Your Personal Insight:

Please do not make mean comments and follow the biblical and spiritual character of this forum. If, however unpleasant situations arise, we request to flag it to us in order to evaluate the situation.

Text source: Willibrordvertaling 1995 Dutch version, public domain.

This project is based on delivering free-of-charge the Word of the Lord in all the world by using electronic means. If you want to contact us, you can do this by writing to the following e-mail: bible-study.xyz@hotmail.com


SELECT VERSION

COMPARE WITH OTHER BIBLES