Bible Study: FrontPage




 

Jeremia, Chapter 46

Bible Study - Jeremia 46 - Dutch - Willibrord Vertaling 1995 - Web
 
 
 
Comment!       Comment Disqus!
  
1. Dit woord van de HEER kwam tot de profeet Jeremia, met betrekking tot de volken.
  
2. Met betrekking tot Egypte. Over het leger van farao Neko, de koning van Egypte, dat bij Karkemis aan de Eufraat door koning Nebukadnessar van Babel verslagen werd, in het vierde regeringsjaar van Jojakim, zoon van Josia, de koning van Juda:
  
3. `Gereed met schild en rondas, klaar voor de strijd.
  
4. Span de paarden in, stijg op de wagens. In het gelid, de helmen op, de lansen gescherpt, de pantsers aan.
  
5. Maar wat gebeurt er? Ze raken in paniek, ze trekken terug. Het machtige leger stort ineen, het slaat op de vlucht. Ontzetting is overal !!- godsspraak van de HEER.
  
6. De snelste man kan niet ontvluchten, de dapperste kan niet ontkomen. In het noorden, aan de oever van de Eufraat, struikelen zij en vallen ze neer.
  
7. Wie rolt daar als de Nijl, als een bruisende stroom?
  
8. Egypte rolt aan als de Nijl, als een bruisende stroom. Het zegt: "Daar kom ik, ik zal de aarde overspoelen en steden en inwoners vernietigen."
  
9. Hop, paarden. Wagens, vooruit. Soldaten, erop los, Kusieten en Putiërs, het schild in de hand, Ludieten, de bogen gespannen.
  
10. Maar deze dag is de dag van de HEER, de God van de machten, de dag dat Hij zich op zijn vijanden wreekt. Het zwaard verslindt alles, tot het genoeg heeft, tot het zich zat heeft gedronken aan hun bloed. Want de Heer, de GOD van de machten, houdt een slachting in het noorden, bij de Eufraat.
  
11. Ga naar Gilead, ga balsem halen, jonkvrouw Egypte; al uw geneesmiddelen dienen tot niets, uw wonden zijn niet te helen.
  
12. De volken hebben uw roepen gehoord, de aarde is vol van uw klagen, want de ene soldaat struikelt over de andere en beiden storten ze neer.'
  
13. Dit woord van de HEER kwam tot de profeet Jeremia toen koning Nebukadnessar van Babel oprukte tegen Egypte:
  
14. `Meld het in Egypte, geef het door in Migdol, in Nof en Tachpanches en roep: "In het gelid, zet u schrap, want het zwaard verslindt alles in uw omgeving."
  
15. Waarom is Apis gevlucht, waarom hield uw sterke god geen stand? Omdat de HEER hem heeft geslagen,
  
16. totdat hij struikelde en viel. Toen zeiden ze tegen elkaar: "We gaan terug naar ons eigen volk, naar ons geboorteland, om aan het moordende zwaard te ontsnappen."
  
17. En de farao, de koning van Egypte, noemden zij: "Druktemaker, die zijn kans voorbij laat gaan."
  
18. Zowaar Ik leef !!- godsspraak van de koning, van wie de naam de HEER van de machten is: zoals de Tabor boven de bergen uitrijst en de Karmel zich verheft boven de zee, zo doemt hij op.
  
19. Maak alles klaar voor de ballingschap, inwoners van Egypte, want Nof wordt een wildernis, een ruïne zonder bewoners.
  
20. Egypte leek op een prachtige vaars, waar horzels uit het noorden op afkomen.
  
21. Zijn huurlingen leken op vette kalveren, maar ook zij lieten hun hielen zien; ze sloegen op de vlucht en hielden geen stand, want de ongeluksdag, de tijd van hun straf was gekomen.
  
22. Egypte kruipt sissend terug als een slang, nu de legers ertegen oprukken.
  
23. Met bijlen gewapend komen de houthakkers aan. Ze vellen de bossen die ondoordringbaar leken !!- godsspraak van de HEER. Talrijker zijn ze dan de sprinkhanen, ze zijn niet te tellen.
  
24. Zo wordt Egypte vernederd, overweldigd door een volk uit het noorden.'
  
25. Dit zegt de HEER van de machten, de God van Israël: `Ik zal Amon straffen, de god van No, Egypte met zijn goden en koningen, de farao en degenen die op hem vertrouwen.
  
26. Ik lever hen uit aan degenen die hen naar het leven staan, aan koning Nebukadnessar van Babel en zijn officieren. Maar later zal Egypte weer leven als in vroegere tijden !!- godsspraak van de HEER.
  
27. Vrees dus niet, Jakob mijn dienaar, wees niet bang, Israël; Ik bevrijd u en uw kinderen uit het verre land van hun gevangenschap. Dan woont Jakob weer ongestoord en veilig, zonder dat iemand hem opschrikt.
  
28. Wees dus niet bang, Jakob mijn dienaar !!- godsspraak van de HEER !!- want Ik ben bij u. Ik reken af met alle volken waaronder Ik u heb verspreid; maar met u doe Ik dat niet. Wel straf Ik u zoals u verdient; Ik laat u niet ongestraft.'


Search in:
Terms:

Vote and Comment on Facebook:Recommend This Page:
Post on Facebook Add to your del.icio.us Digg this story StumbleUpon Twitter Google Plus Post on Tumblr Add to Reddit Pin this story Linkedin Google Bookmark Blogger
Insert Your Personal Insight:

Please do not make mean comments and follow the biblical and spiritual character of this forum. If, however unpleasant situations arise, we request to flag it to us in order to evaluate the situation.

Text source: Willibrordvertaling 1995 Dutch version, public domain.

This project is based on delivering free-of-charge the Word of the Lord in all the world by using electronic means. If you want to contact us, you can do this by writing to the following e-mail: bible-study.xyz@hotmail.com


SELECT VERSION

COMPARE WITH OTHER BIBLES