Bible Study: FrontPage




 

Joël, Chapter 3

Bible Study - Joël 3 - Dutch - Willibrord Vertaling 1995 - Web
 
 
 
Comment!       Comment Disqus!
  
1. Want in die dagen, in die tijd, als Ik Juda en Jeruzalem herstel,
  
2. breng Ik alle volken bijeen en laat hen afdalen naar het dal van Josafat. Daar begin Ik met hen een rechtsgeding over mijn volk en mijn erfdeel, Israël, dat zij onder de volkeren hebben verspreid; zij hebben mijn land verkaveld
  
3. en mijn volk verloot; jongens geruild voor hoeren, meisjes verkocht voor wijn, om zich te bedrinken.
  
4. En wat denken jullie wel van Mij, Tyrus en Sidon, en alle gewesten van het Filistijnenland? Denkt u dat u wraak kunt nemen op Mij? U bent nog niet met uw wraak op Mij begonnen, of Ik laat die daad van u neerkomen op uw eigen hoofd.
  
5. U hebt mijn zilver en goud meegenomen en mijn kostelijke schatten naar uw tempels gebracht.
  
6. Mensen uit Judea en Jeruzalem hebt u aan de mensen uit Jawan verkocht, om ze weg te voeren, ver van de grenzen van hun land.
  
7. Maar Ik, Ik roep hen terug uit de plaats waar u hen verkocht hebt en Ik laat die daad van u neerkomen op uw eigen hoofd.
  
8. Door de mannen van Juda laat Ik uw zonen en dochters verkopen aan de Sabeeën, aan een volk ver hier vandaan. Want zo heeft de HEER het gezegd.
  
9. Roep dit om onder de volken: Maak u gereed voor de heilige oorlog, werf de dappere mannen. Laat ze aantreden en oprukken, al de soldaten.
  
10. Smeed uw ploegscharen om tot zwaarden, uw snoeimessen tot lansen. Laat zelfs de zwakkeling zeggen: "Ik word een held!"
  
11. Haast u om te komen, verzamel u met alle volken uit de omgeving en kom allemaal samen. HEER, laat uw helden komen!
  
12. De volken moeten zich in beweging zetten, naar het dal van Josafat gaan, want daar zal Ik zetelen om recht te spreken over alle volken uit de omgeving.
  
13. Sla met de sikkel, want de oogst is rijp. Begin maar te persen, want de perskuip is vol. De bakken lopen over, want hun slechtheid is groot.'
  
14. Massa's, massa's, in het dal van het oordeel, want de dag van de HEER is nabij in het dal van het oordeel.
  
15. De zon en de maan verduisteren, de sterren verliezen hun licht.
  
16. De HEER buldert vanuit Sion, uit Jeruzalem weerklinkt zijn stem: hemel en aarde sidderen. Maar voor zijn volk is de HEER een toevlucht, voor de mensen van Israël is Hij een vesting.
  
17. `Dan zult u erkennen, dat Ik, de HEER uw God ben, Ik, die woon op de Sion, mijn heilige berg. Jeruzalem zal heilige grond zijn, geen vreemden trekken er meer door.
  
18. En op die dag zal het gebeuren, dat de bergen van druivennat druipen, dat de heuvels stromen van melk, dat al de waterlopen van Juda een overvloed aan water hebben, want uit het huis van de HEER zal een bron ontspringen, die het dal van de acacia's bevloeit.
  
19. Egypte wordt een woestenij, Edom een kale wildernis, vanwege hun gewelddaden tegen de mensen van Juda. In hun land hebben zij onschuldig bloed vergoten,
  
20. maar Juda blijft altijd bewoond en ook Jeruzalem, van generatie op generatie.
  
21. Hun bloed zal Ik wreken; Ik laat het niet ongestraft vergieten.' En de HEER woont op de Sion.


Search in:
Terms:

Vote and Comment on Facebook:Recommend This Page:
Post on Facebook Add to your del.icio.us Digg this story StumbleUpon Twitter Google Plus Post on Tumblr Add to Reddit Pin this story Linkedin Google Bookmark Blogger
Insert Your Personal Insight:

Please do not make mean comments and follow the biblical and spiritual character of this forum. If, however unpleasant situations arise, we request to flag it to us in order to evaluate the situation.

Text source: Willibrordvertaling 1995 Dutch version, public domain.

This project is based on delivering free-of-charge the Word of the Lord in all the world by using electronic means. If you want to contact us, you can do this by writing to the following e-mail: bible-study.xyz@hotmail.com


SELECT VERSION

COMPARE WITH OTHER BIBLES