Bible Study: FrontPage




 

Leviticus, Chapter 17

Bible Study - Leviticus 17 - Dutch - Willibrord Vertaling 1995 - Web
 
 
 
Comment!       Comment Disqus!
  
1. De HEER sprak tot Mozes:
  
2. `Zeg tegen Aäron en zijn zonen en tegen alle Israëlieten: Dit beveelt de HEER.
  
3. Wanneer een Israëliet in of buiten het kamp een rund, een schaap of een geit slacht
  
4. en het dier niet naar de ingang van de tent van samenkomst brengt om het voor de verblijfplaats van de HEER als offergave aan Hem aan te bieden, wordt hem dat als bloedschuld aangerekend. Hij heeft bloed vergoten; hij wordt uit zijn volk verwijderd.
  
5. De Israëlieten mogen hun slachtoffers niet opdragen op elke willekeurige plek; zij moeten de offerdieren bij de priester brengen, bij de ingang van de tent van samenkomst, om ze daar als slachtoffers aan de HEER op te dragen.
  
6. De priester sprenkelt het bloed bij de ingang van de tent van samenkomst op het altaar en laat het in rook opgaan als een geurige gave die de HEER behaagt.
  
7. Zij mogen niet langer slachtoffers opdragen aan de saters die zij ontuchtig achterna lopen. Dit is een blijvend voorschrift voor hen, door al uw generaties heen.
  
8. U moet tegen hen zeggen: "Als iemand, een Israëliet of een vreemdeling die bij u woont, een brandoffer of een slachtoffer opdraagt,
  
9. en het niet bij de ingang van de tent van samenkomst brengt om het aan de HEER aan te bieden, dan wordt hij uit zijn volk verwijderd."
  
10. Als iemand, een Israëliet of een vreemdeling die bij u woont, bloed nuttigt, treed Ik persoonlijk tegen hem op en verwijder Ik hem uit zijn volk.
  
11. Want de levenskracht van mens en dier zit in het bloed. Ik sta u alleen toe om het te gebruiken op het altaar, om de verzoeningsrite te voltrekken, want door de levenskracht bewerkt het bloed verzoening.
  
12. Daarom heb Ik tegen de Israëlieten gezegd: "Niemand van u mag bloed nuttigen, ook niet de vreemdeling die bij u woont."
  
13. Als iemand, een Israëliet of een vreemdeling die bij u woont, op de jacht wild of gevogelte vangt dat gegeten mag worden, dan moet hij het bloed eruit laten lopen en met zand bedekken.
  
14. Want de levenskracht van mens en dier is zijn bloed; daarom heb Ik tegen de Israëlieten gezegd: "Nuttig nooit bloed van mens of dier. Want de levenskracht van mens en dier zit in zijn bloed. Ieder die het nuttigt wordt uit zijn volk verwijderd."
  
15. Iedereen, geboren Israëliet of vreemdeling, die eet van een dier dat doodgegaan of verscheurd is, moet zijn kleren wassen en een bad nemen; hij is tot de avond onrein. Dan wordt hij weer rein.
  
16. Wast hij zijn kleren niet en neemt hij geen bad, dan zal hij ervoor boeten.'


Search in:
Terms:

Vote and Comment on Facebook:Recommend This Page:
Post on Facebook Add to your del.icio.us Digg this story StumbleUpon Twitter Google Plus Post on Tumblr Add to Reddit Pin this story Linkedin Google Bookmark Blogger
Insert Your Personal Insight:

Please do not make mean comments and follow the biblical and spiritual character of this forum. If, however unpleasant situations arise, we request to flag it to us in order to evaluate the situation.

Text source: Willibrordvertaling 1995 Dutch version, public domain.

This project is based on delivering free-of-charge the Word of the Lord in all the world by using electronic means. If you want to contact us, you can do this by writing to the following e-mail: bible-study.xyz@hotmail.com


SELECT VERSION

COMPARE WITH OTHER BIBLES