Bible Study: FrontPage




 

Psalmen, Chapter 18

Bible Study - Psalmen 18 - Dutch - Willibrord Vertaling 1995 - Web
 
 
 
Comment!       Comment Disqus!
  
1. Voor de leider van de muzikanten, op naam van David, de dienaar van de HEER. Hij sprak de woorden van dit lied toen de HEER hem gered had uit de greep van al zijn vijanden en vooral uit die van Saul. Hij sprak als volgt: Ik heb U lief, HEER, mijn kracht,
  
2. HEER, mijn rots, mijn vesting en mijn bevrijder, mijn God, steenrots waarop ik vlucht, hoorn van mijn heil, mijn schild en burcht.
  
3. Lof zij de HEER: één roep om Hem en ik was van mijn vijand bevrijd.
  
4. De lasso van de dood viel over mij, verwoestende stromen overspoelden mij,
  
5. de lasso van de onderwereld lag om mij heen, de valstrik van de dood lag vóór mij.
  
6. Ik riep in mijn angst om de HEER, schreeuwde tot God om hulp. Hij hoorde mijn stem vanuit zijn paleis, mijn kreet drong door tot zijn oren.
  
7. De aarde schudde en beefde, daverend schokten de grondvesten van de bergen, want de HEER ontvlamde in woede.
  
8. Uit zijn neus sloeg rook, verslindend vuur uit zijn mond, gloeiende as stootte Hij uit.
  
9. Hij liet de hemel neer en daalde af, onder zijn voeten een donkere wolk.
  
10. Hij steeg op zijn kerub en vloog, gedragen op de vleugels van de wind.
  
11. Hij was gehuld in duisternis, in donkere regen en sliertende wolken.
  
12. Vóór zijn vuurgloed uit joegen wolken van hagel en gloeiende as.
  
13. De donder van de HEER sprak uit de hemel, de hoogste liet zijn stem horen, liet hagel regenen en gloeiende as.
  
14. Schichten slingerde Hij in het rond, zijn bliksems schoten naar alle kanten.
  
15. De bodem van de zee werd zichtbaar, de grondvesten van de aarde kwamen bloot op het dreigen van uw stem, HEER, op het ademen en snuiven van uw neus.
  
16. Uit den hoge stak de HEER mij zijn hand toe, Hij greep mij vast, Hij trok mij op uit het machtige water.
  
17. Hij verloste mij van mijn angstaanjagende vijand, van die tegenstanders, die sterker waren dan ik.
  
18. Op die ongeluksdag kwamen zij op mij af, maar de HEER was mijn steun.
  
19. Hij bracht mij naar een vrij gebied; Hij verloste mij, Hij heeft mij lief.
  
20. De HEER heeft mij recht gedaan, en gaf mij wat mijn onschuld verdiende.
  
21. Ja, ik bleef op de weg van de HEER, ik week er nooit van af.
  
22. Ik houd al zijn geboden voor ogen, geen enkel voorschrift sla ik in de wind.
  
23. In alle oprechtheid ben ik van Hem en ik pas op voor alle kwaad.
  
24. De HEER heeft mij recht gedaan zoals de onschuld van mijn handen in zijn ogen verdiende.
  
25. U bent trouw voor de getrouwen, U bent oprecht voor de oprechten,
  
26. U bent zuiver voor de zuiveren van hart; maar de sluwen bent U te slim af.
  
27. Ja, het arme volk brengt U redding, maar de trotse oogopslag slaat U neer.
  
28. HEER, U bent mijn lamp en mijn luchter, mijn God die mijn duisternis verlicht.
  
29. Met U trek ik op tegen elke bende, met mijn God spring ik over elke schans.
  
30. Die God !!- oprechtheid is zijn weg, het woord van de HEER is puur goud: Hij is een schild voor wie zijn heil bij Hem zoekt.
  
31. Wie is er God naast de HEER? Wie is er steenrots behalve onze God?
  
32. Die God schenkt mij een gordel van kracht, Hij maakt mijn weg tot een oprechte weg.
  
33. Mijn voeten maakt Hij tot hindenhoeven, ik sta daar hoog op die bergkam.
  
34. Mijn handen leert Hij de kunst van het vechten, en mijn arm leert de bronzen boog te spannen.
  
35. Uw schild was mijn redding, uw rechterhand mijn steun, uw liefdevolle zorg mijn kracht.
  
36. U gaf mijn voeten de ruimte, mijn enkels aarzelden niet.
  
37. Zo kon ik mijn vijanden inhalen en hoefde ik niet terug voordat ik hen had neergeslagen;
  
38. ik sloeg hen neer en ze konden niet opstaan, voor mijn voeten vielen ze neer.
  
39. U gaf mij een gordel van kracht om te vechten, U dwong mijn aanvallers op de knieën;
  
40. U liet mij de rug van mijn vijanden zien, al mijn haters roeide ik uit.
  
41. Zij riepen om hulp, maar er was geen helper, zij riepen om de HEER, maar Hij gaf geen antwoord.
  
42. Ik verpulverde hen als stof in de wind, ik vertrapte hen als modder op straat.
  
43. Zij daagden mij uit, U was mijn redding, U hebt mij tot hoofd van de volken gemaakt: degenen die ik niet kende zijn mijn dienaren geworden.
  
44. Zo gauw zij mij hoorden, gehoorzaamden zij; vreemdelingen bedelen om mijn gunst.
  
45. Hun weerstand voor mij brak: bevend kwamen ze uit hun burchten.
  
46. Leve de HEER, gezegend is mijn steenrots, eer aan God die mij redt,
  
47. de God die mij de wraak in handen geeft, die de volken aan mij onderwerpt,
  
48. die mij van mijn vijanden redt, die mij over aanvallers laat triomferen en mij van mijn onderdrukkers bevrijdt.
  
49. Daarom prijs ik U, HEER, bij alle volken en zing ik psalmen, om uw naam te eren.
  
50. Grote triomfen schenkt Hij zijn koning, Hij bewijst liefde aan zijn gezalfde, aan David en zijn nageslacht, voor altijd.


Search in:
Terms:

Vote and Comment on Facebook:Recommend This Page:
Post on Facebook Add to your del.icio.us Digg this story StumbleUpon Twitter Google Plus Post on Tumblr Add to Reddit Pin this story Linkedin Google Bookmark Blogger
Insert Your Personal Insight:

Please do not make mean comments and follow the biblical and spiritual character of this forum. If, however unpleasant situations arise, we request to flag it to us in order to evaluate the situation.

Text source: Willibrordvertaling 1995 Dutch version, public domain.

This project is based on delivering free-of-charge the Word of the Lord in all the world by using electronic means. If you want to contact us, you can do this by writing to the following e-mail: bible-study.xyz@hotmail.com


SELECT VERSION

COMPARE WITH OTHER BIBLES